Het aftellen is begonnen
Het aftellen is begonnen, maar niet voor mij want ik heb mijn boek al! Vers van de pers, de inkt is nog nat (bij wijze van spreken). Ik wist dat Op klaarlichte dag vandaag van de drukker zou komen, dus ik verwachtte morgen pas een exemplaar. Voor de zekerheid belde ik aan het einde van de dag, een uur geleden dus, naar de uitgeverij of mijn boek wel binnengekomen was. Anders zit je de volgende dag zo sneu met eerst je ontbijt, daarna je koffie en vervolgens je lunch bij de brievenbus.
‘Ik moet even informeren,’ zei Anouschka, en zette me in de wacht. Even later kwam ze weer aan de lijn. ‘Hij is er nog niet,’ deelde ze mee, en smoorde mijn teleurgestelde kreten met de boodschap dat mijn boek morgenochtend binnenkwam en dan meteen met een koerier naar mij toegestuurd zou worden.
Met een koerier nog wel, tjonge. Ik was weer blij. Toch met ontbijt, koffie en lunch bij de brievenbus dus.
Dus niet. Ik stond net als een brave huisvrouw in de pan met aardappelen te prikken, toen Wim met een bos bloemen achter me opdook. En met een stapeltje exemplaren van Op klaarlichte dag onder zijn arm.
‘Hè!’ riep ik verbaasd. ‘Hoe kom jij daar nou aan!’
Ze waren er dus al. Net gebracht, door de koerier. Verrassing!
Dus wat ga ik vanavond doen? Precies, ik plof met een glas wijn en een goed boek op de bank. Ze liggen hier naast me op mijn werktafel, maar ik stel het magische moment van het openslaan nog even uit. Tot ik er goed voor zit. Met alle aandacht. Om te genieten van een moment dat altijd bijzonder blijft.
De reünie naar China
Uitgeverij Anthos heeft vandaag bekendgemaakt dat De reünie , de eerste thriller van Simone van der Vlugt, aan China is verkocht. De reünie verscheen al eerder in Duitsland, Australië, Engeland, Frankrijk, Italië, Polen, Spanje, Brazilië en Rusland.
De Engelse vertalingen van Simone’s boeken zijn te bestellen op www.boomerangbooks.com (Australië) en www.amazon.co.uk (Engeland, vanaf 5 maart).
De Rode Wolf
Sommige boeken hebben een lange voorgeschiedenis. De Rode Wolf is zo’n boek. Het is het verhaal van Rufus, een jonge Romein, die gedwongen wordt in te tekenen voor het leger. Als verkenner helpt hij Julius Caesar Gallië te onderwerpen, en vervolgens Germanië, zoals ons land in 50 v. Chr werd genoemd.
Tijdens een expeditie verdwaalt hij in het Hercynische Woud en wordt gevangengenomen door een Germaanse stam. De avonturen van Rufus worden afgewisseld met hoofdstukken over zijn jeugd, waarin zich een groot drama heeft afgespeeld.
Na een jaar schrijven stuurde ik het naar een paar uitgeverijen voor volwassenen. Het boek was wel goed geschreven, zo luidde het commentaar, maar de markt voor historische boeken was niet zo groot. En er zou verwarring kunnen ontstaan of het nou voor jeugd of voor volwassenen was bedoeld. Op een gegeven moment waren we driekwart jaar verder en was ik met iets anders bezig. Ik wilde een thriller schrijven. Gelukkig liep dat beter af.
Intussen lag Het Hercynische Woud stoffig te worden op mijn bureau. Ik besloot het voor jeugd te gaan herschrijven en stuurde het naar mijn jeugdboekenuitgeverij, Lemniscaat. Ik maakte Rufus wat jonger, achttien in plaats van dertig, en paste een paar verhaallijnen aan.
Rond die tijd kwam de jongerenkrant Kidsweek met een leuke actie: bij iedere krant zou een dun boekje van een bekende schrijver verschijnen. Of ik als eerste een verhaal wilde schrijven. Er was één probleempje: ik had maar twee maanden de tijd. Twee maanden, en ik had geen flauw idee waarover ik moest schrijven.
Ik besloot Het Hercynische Woud te gebruiken. Ik gooide alle hoofdstukken over het drama in Rufus’ jeugd eruit, evenals een groot aantal van zijn avonturen in het woud en bij de Germaanse stam. Eigenlijk moest er wel erg veel uit om tot dat dunne boekje te komen. Dat deed pijn, maar het was niet anders.
Maar het oorspronkelijke boek liet me niet met rust. Afgelopen zomer begon ik met herschrijven. De hoofdstukken over het drama in Rufus’ jeugd gingen er weer in. Ik bedacht nieuwe scènes, hield me zelfs niet meer aan de verhaallijn van het dunne boekje.
Kortom: het werd een heel nieuw boek. Een boek dat een andere titel en een ander omslag verdiende. Het omslag werd een foto van een naargeestig, moerassig bos. De titel werd veranderd in De Rode Wolf. Dat was de naam die de Germanen Julius Caesar gaven, omdat hij in een bloedrode mantel zijn leger aanvoerde en zich als een roofdier op zijn prooi stortte.
Dan weet je dat alvast, voor je boekverslag.
Op 29 maart is de presentatie van De Rode Wolf, tijdens het Boekids Festival in Den Haag. Misschien heb je zin om erbij te zijn. En mocht je in de tussentijd Het Hercynische Woud in handen krijgen: leg het maar terug. Er komt iets veel beters aan!
Schuld komt in Koninklijke Boekenkast!
Prinses Alexia, de middelste dochter van prins Willem-Alexander en prinses Maxima, kan nog niet lezen. Maar als ze een jaar of elf is, staat er alvast een gesigneerd exemplaar van Schuld in haar boekenkast.
Wil je weten hoe dat zit? Lees dan verder…
Het tweedaags festival Manuscripta is een succes gebleken. Dat is goed nieuws, want ons landje kon wel een groot boekenevenement gebruiken. Zondag 2 september was de beurs ook toegankelijk voor publiek, en dat was te merken. Het was dringen en bloedheet bij de stands.
’s Ochtends werd de aftrap genomen met de bekendmaking van de nominaties voor de NS Publieksprijs. (Natuurlijk was ik iets eerder op de hoogte en het kostte me veel moeite om mijn mond niet voorbij te praten. Maar het is gelukt). Direct na de lange signeersessie, gezellig tussen Esther Verhoef en Adriaan van Dis in, volgde de presentatie van Schuld, mijn nieuwe jeugdboek bij uitgeverij Lemniscaat. Ook dat werd een lange signeersessie want Lemniscaat deelde promotie-exemplaren uit.
Vervolgens hadden we nog een verjaardag, dus we kwamen ’s avonds laat gevloerd thuis.
Gelukkig hoefde ik de volgende dag pas om een uur of twee aanwezig te zijn. Na een kort interview en een stukje voorlezen uit Schuld, volgde er weer (ja, het wordt eentonig) een lange signeersessie. Een gratis boek heeft een ongekende aantrekkingskracht op rondsnuffelend publiek. Na twee uur handtekeningen zetten was mijn pen leeg, maar toen dunde de rij gelukkig uit. Op dat moment golfde het langs de stands: ‘Prinses Laurentien komt eraan!’
Het was vermakelijk om te zien hoe snel alle uitgevers voor hun stand stonden, met nonchalant een boek in hun hand. Dat had ik ook wel gewild, maar ik zat vast achter mijn signeertafel. Natuurlijk hadden we wel de tegenwoordigheid van geest om de stapels uitdeelexemplaren snel wat hoger te maken.
En toen stond prinses Laurentien voor me. Henk Kraima, directeur van het CPNB, stelde ons aan elkaar voor en voor we het wisten stonden we gezellig te praten.
‘Wat vindt u van dit evenement?’ informeerde de prinses.
Ik zong de hoogste lof over Manuscripta want Henk Kraima stond vlak naast haar. Bovendien is prinses Laurentien ambassadrice voor analfabeten en voorzitter van de Stichting Lezen & Schrijven. En ik ben auteur, dus ik ben automatisch vóór dit soort evenementen. En oprecht enthousiast.
Dat vertelde ik de prinses hoe belangrijk maar ook gezellig zo’n beurs is, dat het leuk is om je collega’s en publiek te ontmoeten, én dat Manuscripta voor mij een extra tintje had als genomineerde van de NS Publieksprijs. Daar feliciteerde ze me mee.
‘Gaat u op me stemmen?’ vroeg ik hoopvol.
Prinses Laurentien beloofde het. Als tegenprestatie gaf ik haar een exemplaar van Schuld, dat ze graag aannam.
‘Wat kan ik er in schrijven?’ vroeg ik, met mijn signeerpen in de aanslag. ‘Is het voor uzelf of voor uw kinderen?’
‘Doe maar voor Alexia,’ zei prinses Laurentien na enig nadenken.
Prima. Natuurlijk, we signeren het boek voor prinses Alexia. Het duurt nog even voor ze kan lezen, maar dat maakt niet uit. Als het zover is, staat Schuld in de Koninklijke Boekenkast en dat is goed om te weten. Heel goed. Misschien lezen Willem-Alexander en Maxima het ook wel. Misschien geven ze het boek aan de kinderen van al hun Koninklijke Vrienden. Jammer dat het verjaardagsfeestje van de kroonprins net geweest is. Ik was met liefde een stapeltje komen brengen.
Ik overhandigde het boek aan de prinses en hield het nog even vast zodat de fotografen de gelegenheid hadden om er een mooie foto van te maken. Want dáár wilde ik wel een exemplaar van.
Pas toen de prinses en haar gevolg doorgelopen was, vroeg ik me bezorgd af of ik het boek wel volgens de etiquette gesigneerd had. ‘Voor Alexia, veel leesplezier, Simone’ had ik erin geschreven. Moest dat niet Hare Koninklijke Hoogheid Alexia zijn? Of De Doorluchtige Prinses Alexia? Met de nederigste groeten van Simone van der Vlugt? Ik voelde me niet zo nederig, en al is Alexia waarschijnlijk nog niet eens zindelijk, ze blijft wel een prinses.
Net toen ik het warm begon te krijgen, herinnerde ik me dat Willem-Alexander en Maxima hun dochters een gewone opvoeding wensen te geven. Dat kwam goed uit. Nu maar hopen dat die meiden van lezen houden.
Volwassenen edities jeugdboeken

Simone van der Vlugt begon haar schrijverscarrière met historische jeugdboeken, die ook door veel volwassenen worden gelezen.
Om die reden heeft uitgeverij Lemniscaat besloten om twee van haar meest recente boeken, De bastaard van Brussel en Schijndood, in een speciale editie uit te brengen.
