Het laatste offer



Het laatste offerIn ‘Het laatste offer’ doet een archeoloog een belangrijke ontdekking in Egypte, waardoor Birgits ooit zo beschermde leventje totaal op zijn kop komt te staan. Zij beleeft met Jef, die ze nog maar net heeft ontmoet, twee heftige nachten waarna hij spoorloos verdwijnt. Op haar zoektocht naar Jef belandt Birgit in een reeks verwikkelingen waarin ze beiden hun leven niet meer zeker zijn. De zoektocht leidt onder andere naar de Ark des Verbonds, die al eeuwenlang net zo tot de verbeelding spreekt als de Heilige Graal. Wat is die Ark precies? Wat was zijn functie? En waar is hij gebleven? In ‘Het laatste offer’ combineert Simone van der Vlugt het avontuurlijke en historische uit haar jeugdboeken met de spanning en psychologie van haar literaire thrillers.

Uitgeverij AmboAnthos
Bestel: Het laatste offer – Simone van der Vlugt


Achtergrondinformatie

Het idee voor een nieuw boek kan je op de gekste momenten, totaal onverwacht, overvallen. De ene keer lig ik in bed en val ik bijna in slaap als ik opeens het licht zie, de andere keer zit ik met vrienden te eten en krijg ik een inval waardoor ik eigenlijk het liefst meteen met mijn onderzoek start.

Toen ik op het idee kwam voor Het laatste offer zat ik ’s middags op de bank naar een uitzending van Teleac te kijken over verdwenen beschavingen. Gematigd geïnteresseerd volgde ik het programma, maar op een gegeven moment ging ik rechtop zitten. Zodra het programma was afgelopen fietste ik naar de bibliotheek, struinde in tweedehands boekenzaken en startte ik een zoektocht op internet. Het onderzoek nam maanden in beslag, wat ik deed naast de laatste puntjes op de i van mijn boek Schaduwzuster.

Zodra dat boek in de winkel lag vertrok ik met mijn gezin richting Egypte om alles wat ik in Het laatste offer wilde beschrijven eerst zelf te bekijken. Later, toen ik al met het boek bezig was, kwam daar ook nog een reis naar Frankrijk bij.

Het laatste offer is fictie. Het verhaal berust op theorieën die niet van mij zijn maar waarbij ik wel aansluiting heb gezocht, en die me steeds aannemelijker voorkwamen naarmate ik er meer bewijzen voor vond. Die theorie houdt in dat de menselijke beschaving veel ouder is dan wij denken, en dat hij ooit veel geavanceerder is geweest dan wij nu voor mogelijk houden. In de tijd dat wij op deze plek van de aardbol in berenvellen en met knotsen rondliepen, moet op een andere plek van de wereld een zeer ontwikkelde beschaving hebben bestaan die bekend was met uitvindingen die wij in de twintigste eeuw pas hebben gedaan.
Aanvankelijk leek mij dat een sterk verhaal maar, zoals ik al zei, hoe langer ik naar het televisieprogramma keek, hoe groter mijn interesse werd.Wat is waar en waar heb ik mijn fantasie op losgelaten in Het laatste offer? Hieronder laat ik de voornaamste theorieën en bestaande archeologische ontdekkingen voorbij komen, voorzien van beeldmateriaal voor zover ik daar over beschik.

De kaarten van Piri Reis

Aan het begin van de achttiende eeuw werd in het Topkapi-paleis in Istanbul een verzameling oude landkaarten gevonden. Ze waren eigendom geweest van een officier van de Turkse marine, Piri Reis. Piri Reis was een admiraal die in 1513 een wereldkaart samenstelde. Hij had een map met kaarten in de Oriënt ontdekt en in een voetnoot vertelde hij dat die kaarten de basis vormden voor de kaart die hij zelf had gefabriceerd. Wat opvalt aan de kaart van Piri Reis is de ongelooflijke nauwkeurigheid ervan. Niet alleen Europa, maar ook de kustlijnen van Noord- en Zuid Amerika en de contouren van Antarctica zijn heel precies aangegeven. Als we ons realiseren dat Piri Reis zich weer beroepen heeft op nóg oudere kaarten, roept dat niet alleen de vraag op wíe die kaarten heeft gemaakt, maar vooral hóe. Vóór 1500 dacht men dat de wereld plat was, Amerika was nog niet ontdekt en het bestaan van Antarctica werd pas in de 19de eeuw bekend. Maar op die oude kaarten stond alles al nauwkeurig aangegeven…

De batterijen van Bagdad
Onderstaande tekst is met toestemming overgenomen van de website www.grenswetenschap.nl

Elektriciteit in de oudheid?
Het is niet onredelijk te geloven dat men tweeduizend jaar geleden reeds elektriciteit had ontdekt. Hoewel de moderne batterij nog maar zo’n 200 jaar bestaat, speelden de oude Grieken, met Thales van Milete voorop, al met statische elektriciteit. Dat deden ze door met een zijden doek over barnsteen te wrijven. In de Griekse geschiedschrijving is nergens sprake van toestellen die werkten op elektriciteit, maar dat betekent dus niet dat ze (een deel van) het principe niet kenden.

Het rijke verleden van het land krijgt een extra glans door archeologische objecten die niet helemaal in de tijdslijn gepast kunnen worden. Zo is het ook met de batterijen die in 1936 bij Bagdad werden opgegraven en in 1938 bekender werden toen de Duitse directeur van het Nationaal Irakees Museum, Wilhelm König, een opzienbarend artikel erover schreef.
Hij opperde de mogelijkheid dat dit oudheidkundige batterijen waren. Uit één pot, zo’n 2 kilo aan gewicht, kon men een halve volt halen. De precieze herkomst van de batterijen blijft onduidelijk. Sommigen vermoeden dat König ze uit het magazijn van het museum had gehaald, in plaats van bij een opgraving. Of dat zo is valt niet meer te zeggen.

Ook over de datum van makelij is twijfel. König dacht zelf aan de periode van 250 voor Christus tot 224 na onze tijdrekening. Dat deed hij op basis van de vindplaats van de objecten. Op basis van de stijl denkt Dr. John Simpson van het British Museum aan een latere periode: van 224 tot 640 na Christus. Twijfel blijft bestaan en de objecten lijken (nog steeds!) niet tot in detail te zijn gedateerd.

Toepasbaar of niet?
De batterijen zijn kleine kleien vazen van 13 cm groot. Vanbinnen bevindt er zich een koperen cilinder met daarin een ijzeren staaf. Deze is gescheiden van het koper door een laagje teer. Bovenaan bevindt zich een stop van teer en er werden in de kruik sporen aangetroffen van een zurige substantie en aanslag op het koper en ijzer.

Koper en ijzer vormen een elektrochemisch duo. Afhankelijk van het medium dat men gebruikt kan hier een elektrische stroom uit verkregen worden. Dit proces noemt men elektrolyse. Het medium hoeft dus geen industrieel aangemaakte stof te zijn, zelfs met citroen- of pompelmoessap valt al elektriciteit op te wekken. In oudheidkundige tijden gebruikte men vermoedelijk verzuurde wijn.
Dat de kruiken daadwerkelijk elektriciteit kunnen opwekken staat als een paal boven water. Vele onderzoekers hebben reproducties gemaakt en konden enkele volts lostrekken. Dergelijke onderzoeken deed men om erachter te komen voor welke mogelijkheden de batterijen destijds ingezet konden worden.
De Amerikaan Willard F. M. Gray bouwde in 1940 als eerste de potten na. Dat deed hij vanuit beroepsmatige interesse, hij was een medewerker van het General Elektric High Voltage Laboratory in Pittsfield. Met pompelmoessap kon hij ongeveer 2 volt reproduceren. Natuurlijk is het zo dat als men deze batterijen in serie zou schakelen, er dan meer spanning opgewekt kan worden. Er zijn echter geen archeologische opgravingen die erop wijzen dat de oude volkeren dit daadwerkelijk hebben gedaan.

De Duitse onderzoeker Dr. Arne Eggebrecht (tevens directeur van het Roemer & Pelizaeus museum) gebruikte eind jaren ’70 nagemaakte potten om te controleren of ze gebruikt kon worden om legeringen mee te maken. Zowat alle oude volkeren gebruikten goud om hun mooie beelden en zilverwerk mee te versieren. Mogelijk zouden deze batterijkruiken hebben bijgedragen om flinterdunne laagjes goud (of een ander metaal) aan te brengen. Arne bracht een laagje goud van een tienduizendste van een millimeter aan waardoor bewezen werd dat het een bruikbare techniek was. Later konden andere onderzoekers dit niet simuleren waardoor een tijd werd aangenomen dat het verhaal een broodje aap was.
Dr. Bettina Schmitz, opvolgend directeur van het Roemer and Pelizaeus museum trekt het onderzoek ook in twijfel. Volgens haar zijn er geen geschriften noch foto’s van het experiment uit 1978. Ze deed onderzoek en sprak met personen die destijds aanwezig waren maar niemand kon helderheid verschaffen.

Toch kunnen we met zekerheid zeggen dat Arne Eggebrechts een bruikbare methode had ontdekt. Het welbekende team van Discovery Channel, Mythbusters genoemd, deed namelijk een eigen onderzoek en kwam tot verassende resultaten. Met 10 batterijpotten slaagden ze erin een voltage van 4 Volt op te wekken. Dat is niet veel, maar meer dan genoeg om aan te tonen dat er daadwerkelijk elektriciteit kon opgewekt worden. De onderzoekers toonden ook aan dat de potten gebruikt hadden kunnen worden om goudlagen mee aan te brengen. Arne’s theorie is dus een geldige optie.
Het duo onderzoekers controleerde ook de toepasbaarheid binnen de acupunctuur door stroom uit de kruiken te gebruiken. Dit bleek een verdeeld succes te zijn. Eén van de naalden werd zo heet dat hij verwijderd moest worden. Strikt gezien is dit natuurlijk een geslaagd experiment.

Elektriciteit bij de oude Egyptenaren

Jaren geleden gonsden op internet geruchten dat er ook in Egypte dergelijke batterijkruiken zouden zijn gevonden. Speurwerk leverde op dat vlak niets op en vermoedelijk haalt men twee verschillende zaken door elkaar. Er zijn wel degelijk sporen dat Egyptische priesters het wonder van elektriciteit hadden ontdekt, maar dit geheel blijft natuurlijk voor interpretatie vatbaar.

In het Dendara-complex bevindt zich de tempel van Hathor de Egyptische hemelgodin en dochter van zonnegod Ra (of Re). In het gebouw is een mooie figuur te zien die een lotus waaruit een slang komt gekropen voorstelt. Rondom de slang is een soort koepel die het geheel eruit laat lijken als een moderne gloeilamp.
In zijn boek The eyes of the sphinx spreekt de grenswetenschappelijke legende Erich Von Däniken ook over deze afbeelding. Hij, de man die meent dat goden kosmonauten waren, was de eerste die een link legt tussen elektriciteit en hetgeen op de muur stond gebeiteld. Daarmee verwerpt hij de klassieke invullingen die egyptologen eraan geven. Zij menen namelijk dat de lotus het oeroude symbool is voor de geboorte van bewustzijn. De slang die uit de lotus komt gekropen zou dan weer de dualiteit voorstellen die een afgeleide is van het bewustzijn. Klinkt logisch, gezien de Egyptische cultuur, maar toch verklaart het niet alle zichtbare elementen op de gravure.
Ingenieurs die niets wisten van egyptologie en dus met gemak de klassieke denkpisten kunnen verlaten bogen zich over dit probleem. In het boek Investigating The Unexplained brengt Ivan van Sanderson de aandacht op de zware kabels die zichtbaar zijn. Ook de bel rondom het toestel doet enorm aan onze standaard gloeilamp denken. De aap, rechts op de afbeelding, met twee messen (of bliksemschichten) in de hand zou het klassiek symbool zijn voor gevaar. Maar dan alleen voor diegenen die niet ingewijd zijn. Een ander aspect dat opvalt is dat de figuren onder het toestel een soort beschermingsbrillen lijken te dragen.
Zoals reeds eerder geschreven: of dit een elektrisch toestel is of niet hangt geheel af van de interpretatie die men eraan geeft. Er zijn geen gevallen bekend die hebben geprobeerd deze opstelling na te bouwen en we tasten dus nog in het duister.

Het raadsel van de kathedraal van Chartres

De kathedraal van Chartres in Frankrijk is van oudsher met geheimzinnigheid omgeven. Om te beginnen ligt er een prachtig, eeuwenoud labyrint in de kathedraal, dat de levensweg van de mens symboliseert. Boven het altaar bevindt zich een schitterend roosvenster dat het Laatste Oordeel afbeeldt.

In de jaren 20 van de vorige eeuw verscheen in Parijs een boek, Het geheim van de kathedralen, geschreven door ene Fulcanelli. Wie Fulcanelli precies was weten we niet. Hij schreef zijn boek onder pseudoniem, zijn ware identiteit is altijd onbekend gebleven. Het enige dat we van hem weten is dat hij grote belangstelling had voor alchemie, en dat hij zijn tijd ver vooruit was op dat gebied. Hij herontdekte het lang geleden verloren gegane alchemistische proces waarmee het roodblauwe gebrandschilderde glas van Chartres werd gemaakt. In Het geheim van de kathedralen verdedigt Fulcanelli de theorie dat de gotische kathedralen van Europa alchemistische boodschappen bevatten, geschreven in steen. Achter al die beeldgroepen, roosvensters en het labyrint schijnt een zeer oud geheim schuil te gaan.

Een ander merkwaardig verhaal over Chartres is dat in de zomer om twaalf uur ’s middags, als de zon op haar hoogste punt staat, een zonnestraal door het venster valt, precies op het raam aan de westkant. De straal die weerkaatst wordt, valt op een vloertegel die afwijkt van de andere tegels. Hij heeft een andere kleur en ligt overdwars, maar wat het meest in het oog springt is de ronde metalen nagel op de tegel. Op 21 juni valt precies op deze nagel een zonnestraal door het gebrandschilderde raam. Tot de dag van vandaag wordt gegist naar de betekenis hiervan.


Het Noordportaal van de kathedraal waar de inscriptie over de Ark des Verbonds te vinden is.


Relief van de Ark des Verbonds: ARCHA: CEDERIS: HIC. AMICITUR. ARCHA CEDERIS

© Copyright Anthology Premium WordPress Theme - Designed by Pexeto